De Protea: Een Exotisch Icoon op uw Terras

Protea en hun directe familie, zijn bloemende planten die vooral voorkomen op het zuidelijke halfrond. De soorten uit Zuid-Afrika (Fynbos) en Australië (Waratah) zijn de meest bekende in cultivatie en omvatten oa. Protea, Leucospermum, Leucadendron, Mimetes, Banksia en Telopea.

Breng de wilde schoonheid van Zuid-Afrika naar uw eigen tuin. De Proteaceae zijn met hun spectaculaire, bijna prehistorische bloemen een absolute eyecatcher. In onze regio schitteren ze het beste als exclusieve kuipplant. Omdat de Proteacea slechts lichte vorst (-3°C tot -6°C) verdraagt, biedt een pot de perfecte flexibiliteit om haar in de winter veilig en vorstvrij te laten overwinteren.

Bij ons koopt u Protea’s die reeds kunnen bloemen, zodat u niet jarenlang hoeft te wachten op de eerste indrukwekkende bloemen!

De planten groeien van nature als kleine struiken tot kleine bomen op over het algemeen zeer arme bodem, in de volle zon. Aangezien ze uit het zuidelijk halfrond komen, kan de bloeiperiode afwijken van onze zomers.

De hoofdbloei vindt meestal plaats tussen maart en juni. De bloemen zijn niet alleen prachtig aan de plant, maar blijven ook als snijbloem (of gedroogd) wekenlang mooi.

Standplaats :
Geef uw Protea de warmste en meest zonnige plek die u heeft. Ze houdt van een open standplaats met veel luchtcirculatie; dit helpt schimmelziektes te voorkomen. In de winter verhuist ze graag naar een lichte, koele maar vorstvrije ruimte (zoals een serre of een onverwarmde kamer).

Grondsoort :
Hoewel er verschillen zijn in wat elke soort van de familie prefereert, is de algemene regel dat ze een zeer goed doorlatende, zure grond (pH 5.1 – 6.6) nodig hebben.

Een mengsel van potgrond met veel zand, grind of een specifieke cactusmix of een mengeling van niet voorbemeste heidegrond met zand en steentjes (of perliet) is ideaal. Vermijd rijke compost of zware klei. Het wortelgestel van de planten is er op ingesteld om alle fosfor uit de grond te halen. Als er echter te veel in de bodem zit zal de plant zichzelf vergiftigen.

Watergift :
In het groeiseizoen drinken Protea veel water. Het water is best zurig of neutraal. Zeker niet kalkhouden, omdat dit de PH zal verhogen, en er voor zorgt dat de plant niet meer voldoende voedingsstoffen kan opnemen. Ondanks de behoefte aan veel water, houden ze absoluut niet van natte voeten of stilstaand water. De potgrond moet goed drainerend zijn, zodat er voldoende zuurstof aan de wortels kan. Wortelrot is een risico bij deze planten.

In de rustperiode hebben de planten behoefte aan een matige tot lichte watergift.

Bemesting :
Hoewel de Protea’s heel weinig voedingsstoffen nodig hebben kan bij een duidelijk gebrek aan voeding 1 of 2 keer per jaar een lichte bemesting gegeven worden op basis van stikstof en kalium. 
Minder is meer! Protea’s zijn extreem gevoelig voor fosfor; een teveel hieraan kan de plant zelfs doden. Gebruik enkel meststoffen die specifiek zijn ontwikkeld voor Proteaceae of zuurminnende planten, en geef dit slechts zeer matig.

U vindt de fosforvrije meststof op deze pagina.

Snoeien :
De enige snoei die nodig is, is het verwijderen van oude bloemknoppen. Omdat deze groeien op het einde van de stengels, zullen de slapende knoppen hieronder uitlopen en voor vertakkingen zorgen.

Snoei uw Protea na de bloei. Knip de uitgebloeide stengels terug tot bvb. ongeveer 10 cm van de basis. Zo stimuleert u een bossige groei en krijgt u het volgende jaar een nog vollere plant.

Opgelet, de slapende knoppen sterven af als de stengel verhout. Snoeien tot in het verhoute gedeelde zal er voor zorgen dat die tak afsterft, laat dus altijd wat gezonde bladeren aan de tak zitten.