Agave guadalajarana (ook wel Maguey Chato genoemd)
Oorsprong
- Endemisch in westelijk Mexico, vooral rond Guadalajara in de staat Jalisco en bij de Ceboruco-vulkaan in Nayarit.
- Ze groeit natuurlijk op grashellingen van rotsachtige vulkanische bergen, in eiken- en dennenbossen, op vulkanische bodem op 1.500-2.000 m hoogte.
Verzorging
- Plaats: volle zon of lichte halfschaduw; ideaal voor buiten in droge tuinen.
- Bodem: zeer goed doorlatend (cactus- of succulentengrond met 20% grof zand of grit); nooit klei of vochtvasthoudende grond gebruiken.
- Water: matig tot spaarzaam – laat de bodem volledig drogen tussen gietbeurten; zeer droogtebestendig, in de winter bijna niet wateren.
- Temperatuur: winterhard tot ca. -3 °C (USDA 9b-11) als de grond droog is; bescherm tegen strenge vorst.
Gebruik
- Vooral als sierplant: perfect voor rotstuinen, xeriscapes, succulententuinen, potten op terrassen of als accentplant in droge/Mediterrane tuinen.


